Samenvatting advies

De Van Brienenoordbrug is een van de drukste bruggen van Nederland en is toe aan groot onderhoud. De brug bestaat uit twee naast elkaar gelegen boogbruggen met in het verlengde daarvan drie beweegbare bascule­bruggen. De brug gaat ongeveer 150 keer per jaar open en wordt onderhouden door Rijkswaterstaat (RWS).
Groot onderhoud van de brug is nodig vanwege slijtage door langdurig intensief gebruik in combinatie met de toegenomen verkeersbelasting. De verschillende boogbruggen en beweegbare delen worden vervangen of gerenoveerd. Ook de verouderde besturing van de drie beweegbare delen wordt vervangen vanwege schaarse beschikbaarheid van onderdelen en kennis.

Het groot onderhoud is complex en risicovol. Het belang van de brug voor het hoofdwegennet is groot, er zijn ruim 175 stakeholders bij betrokken en er is beperkte tijd voor de werkzaamheden.

Voor de automatisering van de beweegbare delen van de brug wil RWS generieke, standaard Industriële-Automatisering (IA) bouwblokken inzetten. RWS heeft deze laten ontwikkelen en beheren door externe leveranciers.

Het Adviescollege ICT-toetsing (AcICT) heeft het project Vernieuwen Van Brienenoordbrug (VBB) onderzocht op verzoek van de minister van Infrastructuur en Waterstaat. We hebben ons daarbij alleen gericht op de werkzaamheden die gerelateerd zijn aan de industriële automatisering (IA) van de brug.

Conclusie: zorgvuldige voorbereiding zorgt voor beheersing van grootste risico’s IA-werkzaamheden
AcICT constateert dat de IA-werkzaamheden zorgvuldig zijn voorbereid, waardoor de grootste risico’s op dit moment worden beheerst en slechts kleinere risico’s resteren. De redenen hiervoor zijn:

  • IA-risico’s zijn vergaand gereduceerd door goed voorbereide toepassing van IA-bouwblokken
  • Doordachte projectaanpak leidt tot het zoveel mogelijk beheersen risico’s van de IA-werkzaamheden

Advies: Reduceer de resterende IA-risico’s
AcICT adviseert om maatregelen te treffen om de resterende kleinere IA-risico’s verder terug te brengen. Deze maatregelen hebben betrekking op de toepassing van IA-bouwblokken en op de projectaanpak.

De reactie van de minister op dit advies volgt nog.